Na onze behoorlijk intensieve dag met Pidurangala, Lion Rock en de olifantensafari mochten we op 3 september 2026 eindelijk een beetje uitslapen. Sadew kwam ons pas om 11.00 uur ophalen, dus geen wekker midden in de nacht deze keer. Vandaag verlieten we Sigiriya en reden we richting de oostkust van Sri Lanka, naar Nilaveli en Trincomalee.
Een groot programma hadden we niet. Sterker nog: toen we vertrokken hadden we onze accommodatie voor die avond nog niet eens geboekt. Onderweg probeerden we betel, aten we buffalo curd langs de weg, boekten we op het laatste moment een complete privéwoning en eindigden we met cocktails op het strand en een enorme schaal seafood.
Rustig ontbijten en afscheid nemen van Sigiriya
Rond 09.00 uur gingen we naar het restaurant van het hotel voor het ontbijt. Het ontbijtbuffet was tot 09.30 uur geopend en was behoorlijk uitgebreid. Naast alles wat op het buffet stond, konden we ook een eitje en verse wafels laten bakken.
Daarna gingen we terug naar onze kamers om de backpacks weer in te pakken en uit te checken.
Bij het uitchecken kregen we nog een bijzonder afscheid. Bij ieder van ons werd met een touwtje een soort armband om de pols geknoopt. Deze zou geluk brengen. Daarnaast kregen we allemaal een groen blad mee.
Sadew vertelde ons dat je dit blad kon eten en dat het in Sri Lanka vaak samen met andere ingrediënten wordt gebruikt. We hadden toen nog geen idee wat we ermee moesten, maar daar kwamen we al snel achter.
Voor het eerst betel proberen
We waren namelijk nog maar net onderweg toen Sadew bij een klein kraampje langs de weg stopte. Hier verkochten ze pakketjes met dezelfde bladeren die we bij het hotel hadden gekregen: betelbladeren.
Tijd om te ontdekken wat je daar dan precies mee doet.
In zo’n pakketje zaten verschillende ingrediënten. Eerst kregen we een hard stukje waarop we moesten kauwen: de arecanoot. Vervolgens werd er een pittig mengsel op het betelblad gesmeerd en kwam er een stukje tabaksblad bij. Daarnaast zaten er verschillende kruiden en specerijen bij waarmee het gecombineerd kon worden, waaronder kardemom.
Vervolgens moesten we erop kauwen.
Nou… dat was geen succes.
We vonden het echt niet lekker en hebben het al vrij snel weer uitgespuugd.
Het was wel interessant om een keer te proberen, omdat je de pakketjes met betelbladeren op verschillende plekken langs de weg ziet liggen. Het kauwen op betel met arecanoot wordt vanwege het stimulerende effect gebruikt en kan verslavend zijn, zeker wanneer er ook tabak aan wordt toegevoegd. Voor ons bleef het dus bij één korte kennismaking.
En heel erg rouwig waren we daar niet om.
Buffalo curd eten in Kantale
We vervolgden onze route richting de oostkust en kwamen onderweg door Kantale. Sadew vertelde dat deze omgeving bekendstaat om zijn curd.
Inmiddels hadden we geleerd dat wanneer Sadew onderweg vertelde dat we ergens iets moesten proeven, we dat vooral gewoon moesten doen.
We stopten bij een kraampje langs de weg waar grote aardewerken potten klaarstonden. Daaruit kregen we buffalo curd, een dikke yoghurt gemaakt van buffelmelk.
Over de curd kwam een zoete siroop van kithul. Zelfs het lepeltje paste bij de ervaring: we aten de yoghurt met een geïmproviseerde lepel gemaakt van een stukje blad.
Gelukkig was dit een stuk lekkerder dan ons betelpakketje.
Dit soort stops vond ik steeds leuker aan onze reis met Sadew. Als we zelfstandig van Sigiriya naar Nilaveli waren gereden, waren we hier waarschijnlijk gewoon voorbijgereden. Nu kregen we onderweg steeds dingen te zien en te proeven die we zelf niet snel gevonden zouden hebben.
Onderweg nog even bedenken waar we gaan slapen
Er was alleen nog een klein detail dat we moesten regelen.
Onze slaapplek.
We hadden bewust niet de hele rondreis vooraf vastgelegd, zodat we onze route onderweg nog konden aanpassen. Heel flexibel, maar dat betekent dus ook dat je soms al onderweg bent naar een plaats terwijl je nog niet weet waar je die avond gaat slapen.
In de auto vonden we Ravana Vintage Villa in Nilaveli.
Het was een privéwoning geschikt voor maar liefst elf personen en de prijs was ook nog eens erg aantrekkelijk: €107 voor twee nachten voor de hele woning.
Boeken maar.
Vrijwel direct daarna kregen we een bericht van de eigenaar met de vraag hoe laat we ongeveer zouden arriveren.
We waren op dat moment nog zo’n twintig minuten van de accommodatie verwijderd.
Dat was dus snel geregeld.
Blijkbaar hadden we een compleet huis geboekt
Rond 14.00 uur kwamen we aan bij Ravana Vintage Villa en kregen we eerst een rondleiding.
Het huis zag er leuk uit en we liepen als eerste een grote slaapkamer binnen. Daar stonden twee tweepersoonsbedden en één eenpersoonsbed.
We gingen er automatisch vanuit dat dit onze slaapkamer was. We waren immers met z’n vieren. Dus backpacks naar binnen, spullen op de bedden en klaar.
Alleen was de rondleiding blijkbaar nog niet afgelopen.
De eigenaar liep door naar de volgende slaapkamer.
En daarna nog eentje.
En nóg eentje.
Er bleken in totaal vier slaapkamers te zijn. De andere drie kamers hadden allemaal een tweepersoonsbed. Daarnaast had het huis twee badkamers en een grote keuken.
Langzaam realiseerden we ons dat we niet een gedeelte van het huis hadden geboekt.
We hadden gewoon de hele privéwoning voor onszelf.
Voor €107.
Voor twee nachten.
Met z’n vieren.
Dat bood mogelijkheden.
Sadew kon gewoon bij ons blijven slapen
Omdat we na het verdelen van de kamers nog steeds twee slaapkamers over hadden, vroegen we Sadew of hij niet gewoon bij ons wilde blijven slapen.
Normaal moest hij natuurlijk ook iedere avond zelf ergens een slaapplek regelen. Nu hadden we toch slaapkamers genoeg en hoefde hij niets anders te zoeken.
Zijn busje kon op de oprit van het huis staan, dus dat was ook geregeld.
Nou ja, bijna.
De poort van het terrein kon namelijk niet helemaal dicht wanneer zijn bus op de oprit stond.
Op dat moment leek dat niet echt een probleem.
Spoiler: dat bleek later op de dag toch iets interessanter te worden.
Sadew bleef die nacht dus bij ons slapen en we hadden met z’n vijven nog steeds meer dan genoeg ruimte.
Jasper en ik verhuisden ondertussen vanuit de grote eerste slaapkamer naar een van de andere kamers. Achteraf hadden we misschien beter gewoon kunnen blijven liggen waar we lagen. Onze nieuwe kamer was namelijk een stuk krapper en er stond niets waarop we onze backpack kwijt konden.
Die belandde dus gewoon op de grond.
Jasper en Wesley hadden meer geluk met hun kamer. Zij hadden twee extra bedden over en konden die mooi gebruiken om hun spullen op uit te stallen.
De woning zelf zag er leuk uit en qua ruimte en prijs hadden we absoluut niets te klagen. Over de badkamers waren we alleen een stuk minder enthousiast. Die vonden we niet zo prettig en ze voelden voor ons ook niet echt schoon en hygiënisch aan.
Voor twee nachten was het prima te doen, zeker voor die prijs, maar het sanitair was voor ons wel duidelijk het minpunt van Ravana Vintage Villa.
Op naar Nilaveli Beach
Lang bleven we sowieso niet binnen.
We trokken onze zwemkleding aan en liepen vanaf de villa in ongeveer vijftien minuten naar het strand. Daar kwamen we terecht bij Tutu’s.
We huurden strandbedjes, bestelden cocktails en besloten dat dit ongeveer voldoende activiteiten waren voor de komende paar uur.
Na de hikes, trappen en safari van de dag ervoor was een middag op het strand ook wel welkom.
Al bleek rustig dobberen in zee er niet helemaal in te zitten.
Iets te enthousiast in de golven
Er stonden namelijk behoorlijk stevige golven en natuurlijk moesten wij daar middenin gaan spelen.
Sommige golven waren sterk genoeg om je helemaal mee te nemen. Af en toe rolde je een stuk door het water en over het zand voordat je weer overeind kwam.
Heel grappig.
Totdat het zand iets minder vriendelijk voor mijn huid bleek te zijn.
Door het rollen en schuren over het zand liep ik uiteindelijk een aantal schaafwonden op. Op dat moment nog niet zo spannend, maar wel een vakantiesouvenir waar ik zelf niet direct om had gevraagd.
We bleven desondanks lekker zwemmen en op het strand liggen. Cocktails erbij, af en toe weer de zee in en verder helemaal niets.
Uiteindelijk bleven we tot ongeveer 18.15 uur bij Tutu’s.
Ondertussen hadden we onverwacht bezoek gekregen
Na onze strandmiddag liepen we terug naar Ravana Vintage Villa.
En daar stond ons een kleine verrassing te wachten.
De tuin stond ineens vol met koeien.
Blijkbaar was die poort die niet dicht kon doordat het busje van Sadew op de oprit stond tóch een relevant detail geweest.
Waar we een paar uur eerder nog blij waren dat zijn bus mooi op het eigen terrein kon staan, hadden een aantal lokale koeien de openstaande poort blijkbaar vooral gezien als een uitnodiging om onze tuin eens nader te inspecteren.
Dus daar stonden ze.
In onze tuin.
Welkom thuis. 😂
Dat zijn van die situaties die je vooraf onmogelijk in een reisplanning kunt zetten, maar die je achteraf waarschijnlijk beter onthoudt dan de zoveelste mooie hotelkamer.
Seafood platter bij The Blue Crab in Trincomalee
Nadat we weer binnen waren, was het tijd om te douchen, het zand ongeveer overal vandaan te krijgen en ons om te kleden voor het avondeten.
Sadew bracht ons naar The Blue Crab in Trincomalee, een restaurant aan het strand.
De naam van het restaurant gaf al een kleine hint over wat we daar gingen eten.
Met z’n vieren bestelden we twee grote seafood platters, dus één schaal per twee personen.
En die schalen waren goed gevuld.
We kregen onder andere krab, garnalen, inktvis, octopus en vis. Daarbij bestelden we natuurlijk ook een cocktail.
Dit was alleen geen maaltijd die je even snel naar binnen werkt. Vooral met de krab waren we behoorlijk lang bezig. Kraken, pellen, zoeken naar het vlees, eten en vervolgens weer verder met het volgende stuk.
Gelukkig hadden we geen enkele haast.
Er was die avond live muziek en we konden zelf nummers aanvragen. Daardoor werd het vanzelf een lange avond aan het strand. Cocktail erbij, seafood pellen en ondertussen naar de muziek luisteren.
Een prima manier om onze eerste avond aan de oostkust af te sluiten.
Daarna bracht Sadew ons terug naar Ravana Vintage Villa. Dit keer hoefde hij daarna niet meer op zoek naar zijn eigen accommodatie: hij kon gewoon met ons mee naar binnen.
Hopelijk hadden de koeien hun eigen slaapplek inmiddels ook weer gevonden.






